Category: Bolivia

Dag baby lama´s, worstelvrouwen en Pollo Rey

La Paz – Dag Bolivia, want morgen vertrek ik naar Cusco in Peru! Ik eet de lekkerste salteñas voor de laatste keer, Ik spendeer mijn laatste bolivianos aan kleine troep en ik slenter weer terug, op weg naar mijn hostel met verder geen plannen voor die dag. Totdat de Braziliaan Bruno de weg in mijn hostel blokkeert. Hij wil dat ik meega naar een worstelwedstrijd. Boliviaanse dames in traditionele kledingdracht zullen vechten om nummer één te worden. Zie je het voor je?

Samen met de Braziliaan en twee Japanners pakken we de minibus om naar onze unieke bestemming te gaan. We stappen uit en moeten nog een stuk over de markt lopen. En daar heb ik de snoezigste baby lama’s – niet uitgedroogd, maar levend – gezien! Ik erbij en *klik* ik heb weer een leuke foto. We lopen verder en staan in een vijftien meter lange rij om de kaartjes te kopen. De schat van de Braziliaan betaalt mijn kaartje en we gaan naar binnen. Popcorn, cola en wat ansichtkaarten als souvenir krijgen we in onze handen. De zaal is zo groot als twee gymzalen. In het midden staat de boksring.

Twee gespierde mannen en een scheidsrechter staan in de ring. Ik wil de vrouwen zien. En daar komen ze: normaal gekleed zoals de vrouwen op straat. Één heeft dan nog net een glimmende blauwe masker op. Als enalaatste komt er een clown die als een loco tekeer gaat en de dame besmeurt met cola en haar een goed pak slaag geeft. Na de popcorn en een suikerspin kijken Bruno en ik elkaar aan en we schreeuwen “Pollo Rey!”. Met de bus terug zien we ‘Pollo Rey’ al naar ons kijken. De kip smaakt heerlijk en met een gevulde maag lopen we terug naar ons hostel. Ik pak mijn spullen in en ik ga naar bed, dromend over de salteñas, baby lama’s en de stoere vrouwen.


Census day: huisarrest in Bolivia

La Paz – Huisarrest, daar lijkt het op. Vandaag, 21 november 2013, moet iedereen in Bolivia thuisblijven, want het is cencus day. Oftewel tel-de-lokale-bevolking-in-Bolivia-dag. De hele dag thuiszitten geldt ook voor de toeristen. Ga je toch naar buiten? Vis dan 1400,- bolivianos (€164,-) uit je portemonnee. Geef mij maar liever 17x alpaca truien voor die prijs. Maar ja, wat doe je op zo’n dag?

Twee Japanners, een Braziliaan, een Israeliër en ik met een jong katje hebben de banken voor de tv in hostel ‘El Solario’ bemachtigd. Ik aai het katje, bekijk ‘Friends’ en ik upload mijn foto’s op ‘waarbenjij.nu’. Internet is traag dus het uploaden duurt de hele dag. Terugdenkend aan mijn dagen in La Paz komt iedere keer het beeld in me op van uitgedroogde baby lama’s die op straat opgehangen zijn voor verkoop. Het brengt geluk dus dan wordt het maar verkocht. Maar eerlijk, ik vind het een vies gezicht.

Maar goed, La Paz is leuk! De plek om als een malle te gaan shoppen en je spullen naar het thuisfront te verzenden. Heel normaal hier, alle Israeliërs doen het hier. Alles in La Paz is goedkoop en het verzenden heeft wel een ok-prijs. Naast (voor mij karig) shoppen heb ik iedere ochtend dezelfde routine. Opstaan, douchen en lopen naar de Llampu-straat waar ze de goddelijkste salteñas met kip en lekkere cappuccino hebben. Wat mis ik die krengen als ik in mijn hostel opgesloten zit. En oh… ‘Pollo Rey’, ook helemaal mijn tent. Zalige kip met rijst, gebakken bananen en wat friet. Ik kan niet wachten totdat het morgen is.


Eerste trekking, een stier, verdwaald en dino’s

Sucre – Het leven is rustig, totdat ik besluit om met een groep van 12 Israeliërs te gaan trekken rondom Sucre. Twee dagen sjokken op de bergen voor zes uur per dag. Ik zeg: prima! Ten eerste nemen we een minibus naar het busstation. Verwacht er niet te veel van, want het is een simpel terrein met trucks die als openbaar vervoer gebruikt worden. Ik zit op een houten pilaar bovenop de truck, terwijl de locals onder me zitten, bijna op elkaar geplakt.

Na een rit van twee minuten, stoppen we en de achterdeur gaat open. Er zijn wat gigantische maisplanten die nog even tussen de mensen gepropt moeten worden. Eerst de mensen dan de planten van 8 à 9 meter in de truck plaatsen. Wat een tactiek. Maar dit is nog leuker: je hoort geruchten dat er ook nog een koe in de truck moet. Tien meter verderop zie ik ook daadwerkelijk een dier, maar dat is geen koe maar een stier met stevige horens! En ik zit op de perfecte plek om de hardheid van de horens te mogen ervaren.

De eigenaar van de stier helpt hem naar de truck te begeleiden maar het koppige dier wil niet naar binnen. Mijn vier minuten durende film heeft in beeld hoe uiteindelijk de stier in de truck staat, vastgebonden om zijn nek en buik. Een paar keer slaat de stier op tilt maar kan – gelukkig – niet echt een kant op. Later laat hij een smurrie van stront op zijn benen, staart en de truck achter. Ik vrees voor de staart die ieder moment een zwaai gaat maken en zo de strontspetters op mij en de anderen verspreidt.

Het blijft timide en na een rit van 1,5 uur stopt de truck in Chataquila, de start voor de trekking. Na een uur zijn we gesplitst in drie groepen en ik loop met een koppel en een tweeling door de bergen in Bolivia. Uitzicht is beeldig maar na het ontstaan van pijnlijke blaren kijk ik voornamelijk naar de grond. Leuk feitje: we raken verdwaald en paraderen niet zes, maar tien uur door de bergen. Om half tien ‘s avonds komen we aan in ons hostel. Beroerd van de kou, hoogteziekte en te veel verloren energie wacht ik met smart op ons eten. Hete soep en een fijn bed laden mijn batterij op voor de volgende dag.

Vroeg opstaan en gaan met de banaan. Dit keer sluiten we aan bij de andere groep en lopen we wederom vele kilometers. Maar het uitzicht is mooi en het zien van de voetafdrukken van de dinosauriërs maken de voor mij eerste pittige trekking helemaal goed. We komen op tijd aan in Potolo en overnachten met zijn allen in een basisschool. Een bed, matras en kleed voor 10 bolivianos. Omgerekend is dat €1,17; wat wil je nog meer? De volgende ochtend komen we met een normale bus in Sucre aan. Mijn voeten hebben rust nodig.


Met een Boliviaanse rukker in de bus

Sucre – Je hoort wel van die verhalen als je in Bolivia met de bus reist, dat je er vervolgens makkelijk een kip op je schoot hebt zitten. Dus ik was al nieuwsgierig hoe mijn Boliviaanse busreis zou aflopen. Maar nee. Geen kip te bekennen, maar wel een Boliviaanse rukker in de bus. En ik ben zijn amuse. Het verhaal: Ik zit naast het raam op stoelnummer 26 en ik kijk naar links waar Bram zit. Aan de andere kant van het gangpad zit een man van middelbare leeftijd met een dikke, zwarte snor die me glimlachend aankijkt. Ik kijk hem aan en geef hem een subtiele glimlach en verwelkom hem met het magische woord: Hola! Bram stalt zijn stoel wat meer naar achteren voor een relaxt dutje. Ik kijk naar buiten en zie het mooie landschap van Bolivia. Mooie bergen versiert met boeren, krakmikkige huizen, lama’s, kippen, zwarte biggetjes en magere koeien. Ik kijk even naar links en ik merk dat meneer Snorremans nog steeds naar me koekeloert. Vreemd.

Tikkend met mijn vinger op de schouder van Bram maak ik hem wakker. Ik zeg tegen hem dat meneertje naast hem de hele tijd zijn blik niet van me kan afwerpen. Direct zet Bram zijn stoel weer rechtop, maar het verleidt de meneer niet om de andere kant op te kijken. Ik kijk maar weer vanuit het raam naar buiten, de obsessieve blikken van de man negerend. Mijn intuïtie vertelt dat er iets aan de hand is, dus even later weer een controle van mijn kant. Ik beweeg mijn hoofd van rechts naar links en ik ben perplex van wat ik nu zie. De ogen van de man zijn gesloten en ik zie zijn broek op en neer gaan, terwijl hij met zijn piemel speelt. En… wat doe je dan? Ik ben in staat om te flippen, maar moet ik echt uit mijn dak gaan? Is dat wel zo slim? Wie weet wat er in zijn hoofd schuilgaat. Het feit dat hij al in een overvolle bus zijn piemel op-en-neer streelt, zegt ook weer wat. Ik bedenk me wat mijn volgende actie zal zijn. Ik maak Bram weer wakker en ik leg uit dat zijn buurman de busreis met een erotische hoogtepunt wel aan zijn trekken komt. Ons schatergelach vult de hele bus, terwijl de Boliviaanse schaamteloze goorlap zijn crèmekleurige broek met zijn sperma vult. Een genot voor hem en zeker een origineel, hilarisch verhaal om nooit meer te vergeten, maar moet ik dit nou als een compliment opvatten? Geef mij maar lekker een kip op schoot.


Potosí, mijnwerkers en hijgende potloodventer

Potosí – Verderop in de bergen van Potosí vinden de mijnen plaats. Als reiziger moet je dat natuurlijk wel verkennen ondanks dat het gevaarlijk – door asbest, dynamiet en vallende stenen – is. De Bolivianen – alleen de mannen, vrouwen brengen ongeluk volgens hen – werken daar om hun familie te onderhouden. De meesten werken er jarenlang. Dat betekent veel blootstelling aan asbest, waardoor hun leven een kortere houdbaarheidsdatum heeft. De gemiddelde leeftijd van de mijnwerkers zijn rond de 45 jaar als ze hun ogen vooreeuwig sluiten. Met een groep van tien man rijden we met ons tour guide Ronald naar de verkleedruimte en een kiosk. Veel regen valt naar beneden en gelukkig heb ik mijn hippe, blauwe poncho aan. We krijgen een jas, broek, boots en helm incl. lamp waarmee we de mijn gaan trotseren. We kopen sappen, water, coca leaves – goedkoper én betere kwaliteit dan in Argentinië – en dynamiet wat cadeautjes zijn voor de harde werkers in de mijn.

We rijden weer verder, steeds hoger de berg op en we moeten zelfs allemaal uitstappen omdat anders het busje niet de bocht op de steile berg kan nemen. Men maakt al aanstalten om de bus te duwen, maar dat is niet nodig. Na een minuut cruisen we wederom naar boven. We staan voor de mijn. Mijn blauwe bandana heb ik achter mijn hoofd geknoopt en ik ben volledig in de toerist-die-de-mijnwerkers-bezoekt-stijl ingepakt. De mijn is donker en wordt naarmate je verder loopt nauwer. Knullig als ik ben, heb ik in totaal 13 keer mijn hoofd tegen het plafond gestoten, waardoor het woord ‘verdomme’ 13 keer in de mijn weergalmde. Gelukkig hebben we na elke loopsessie pauze en kan ik mijn ademhaling onder controle houden. Want tijdens het lopen lijk ik wel een hijgende potloodventer.

We raken aan de praat met vier mijnwerkers die net klaar zijn. Ze hebben net dynamiet opgeblazen dus veel stof hangt in de lucht. Ze bepalen zelf hoeveel uur ze werken, maar hun werkdag kan uit tien uur bestaan, zonder lunchpauze. Want coca is hun beste maatje die ervoor zorgt dat ze geen trek hebben, geen hoofdpijn krijgen en turbo-energie hebben. Ondertussen kauw ik ook op een stapel coca leaves en ik heb absoluut geen trek. We lopen verder en we stoppen bij een bocht waar de mijnwerkers met zijn tweeën de kar met zilver voortduwen. De rails ontbreken voor de helft dus iedere keer is het gezanik om de kar verder te krijgen. We lopen achter hen aan en zien verderop het licht. Als we buiten staan, hebben we een regenachtige panorama view van de look-a-like Italië stad: Potosí.


Privacy Settings
We use cookies to enhance your experience while using our website. If you are using our Services via a browser you can restrict, block or remove cookies through your web browser settings. We also use content and scripts from third parties that may use tracking technologies. You can selectively provide your consent below to allow such third party embeds. For complete information about the cookies we use, data we collect and how we process them, please check our Privacy Policy
Youtube
Consent to display content from Youtube
Vimeo
Consent to display content from Vimeo
Google Maps
Consent to display content from Google